Steeds meer Nederlandse kantoren gaan momenteel op de schop. Bedrijven roepen personeel terug naar kantoor, maar de ruimte die daarvoor nodig is, staat vaak al jaren anders ingericht. De helft van je kantoor staat leeg sinds thuiswerken de norm werd, en die lege vierkante meters worden nu omgebouwd tot vergaderzalen, stilteplekken en flexplekken. Wat bij zo'n verbouwing vaak als eerste sneuvelt, is de brandveiligheid. Niet uit onwil, maar omdat niemand er tijdens de planning bij stilstaat.
Een recent voorbeeld maakt dat pijnlijk duidelijk. Bij de verbouwing van The Social Hub in Amsterdam moest het hotel deels open blijven terwijl de renovatie doorging. Het vaste brandmeldsysteem kon tijdens de werkzaamheden niet volledig functioneren, dus koos het projectteam voor een mobiele brandmeldinstallatie om het gat op te vangen. Dat klinkt logisch, maar bij veel kleinere verbouwingen gebeurt dit soort denkwerk helemaal niet. Er wordt een muur gesloopt, een plafond opengelegd of een serverruimte verplaatst, en het brandmeldsysteem staat gewoon een paar weken uit. Niemand meldt dat, niemand regelt een alternatief.
Waarom een verbouwing brandveiligheid onder druk zet
Tijdens een verbouwing verandert de situatie in een gebouw voortdurend. Vluchtwegen raken versperd door bouwmateriaal, brandwerende wanden worden tijdelijk doorbroken voor leidingwerk, en er wordt vaker met open vuur en slijptollen gewerkt dan normaal. Juist die tijdelijke situaties zijn gevaarlijker dan de eindsituatie, omdat niemand ze structureel heeft doorgerekend. Een architect toetst het eindresultaat aan de regels, maar de fase ertussenin, met kabels op de vloer en een brandmeldsysteem dat half werkt, valt vaak buiten het plan.
Daar komt bij dat verbouwingen tegenwoordig sneller gaan dan vroeger. Bedrijven willen minimale downtime, dus wordt er in de avonduren, in het weekend of in fases gewerkt terwijl personeel gewoon aanwezig blijft. Dat verhoogt de kans dat een tijdelijke situatie samenvalt met een moment waarop er mensen in het pand zijn die niet weten dat de reguliere brandmelding uitstaat.
Het probleem met een brandmeldsysteem dat tijdelijk uitstaat
Een vast brandmeldsysteem uitschakelen tijdens bouwwerkzaamheden is vaak onvermijdelijk: stofdeeltjes van sloopwerk activeren rookmelders continu, en dat leidt tot onnodige evacuaties of een systeem dat noodgedwongen op stil gaat. Het probleem ontstaat pas als daar geen vervanging voor komt. Zonder enige vorm van detectie sta je tijdens de verbouwing feitelijk terug bij af, ongeacht hoe goed het pand normaal beveiligd is.
De oplossing die je steeds vaker ziet, is een tijdelijke, mobiele brandmeldinstallatie die specifiek is afgestemd op bouwstof en bouwwerkzaamheden, met sensoren die minder gevoelig zijn voor stof maar wel reageren op echte rook of hitte. Zo'n systeem draait los van het vaste netwerk en is zonder ingrijpende bekabeling snel te plaatsen. Het principe lijkt op wat er ook achter mobiele bouwplaatsbeveiliging schuilgaat: tijdelijke bescherming voor een tijdelijke situatie met een verhoogd risico.
Wat het Bouwbesluit van je verwacht
De regels rond brandveiligheid bij verbouwingen staan niet los van de rest van de bouwregelgeving. Sinds de invoering van de Omgevingswet vallen de eisen onder het Besluit bouwwerken leefomgeving, de opvolger van het oude Bouwbesluit. Daarin staat onder meer dat een verbouwing nooit mag leiden tot een situatie die onveiliger is dan het wettelijke minimum, ook niet tijdelijk. Volgens de toelichting van de Rijksoverheid op dit besluit geldt dat je je bij elke verbouwing, met of zonder vergunning, aan deze regels moet houden.
Voor werkgevers komt daar de Arbowet bovenop. Die verplicht je om risico's voor je personeel in kaart te brengen en te beperken, en brandveiligheid valt daar expliciet onder. Volgens Arboportaal moet je als werkgever altijd voorzieningen hebben voor de eerste opvang van een beginnende brand, ook als je pand tijdelijk op de schop ligt. "We zijn toch aan het verbouwen" is dus geen geldig excuus als er iets misgaat.
De mobiele oplossing die steeds vaker wordt ingezet
Facility managers die verbouwingen goed voorbereiden, nemen brandveiligheid inmiddels standaard mee in het bouwplan, net zoals ze dat al doen voor real-time overzicht op de reguliere bedrijfsveiligheid. Dat begint met een simpele vraag aan de aannemer: welk deel van het vaste systeem gaat eruit, en wat komt daarvoor in de plaats? Een mobiele brandmeldinstallatie huur je vaak per week of per bouwfase, precies zolang als het vaste systeem buiten werking is.
Daarnaast is het verstandig om vluchtwegen fysiek opnieuw te markeren zodra bouwmateriaal de looproutes verandert. Een vluchtwegplan dat nog uitgaat van de oude indeling klopt bij een verbouwing van drie maanden simpelweg niet meer. Laat de bedrijfshulpverleners de nieuwe situatie een paar keer doorlopen voordat de eerste collega's weer op de verbouwde afdeling gaan zitten.
Dit regel je voordat de aannemer binnenkomt
Voordat de eerste muur eruit gaat, wil je drie dingen op papier hebben staan: wie verantwoordelijk is voor tijdelijke branddetectie zolang het vaste systeem uit staat, hoe de vluchtroutes per bouwfase lopen, en wanneer de aannemer een update geeft over de voortgang. Dat kost een uur overleg vooraf, tegenover weken aan gedoe achteraf als er tijdens de klus toch iets misgaat.
Het klinkt misschien als bureaucratie voor iets dat vanzelf wel goedkomt, maar juist de bedrijven die dit overslaan, staan straks in het nieuws om de verkeerde reden. Regel het voordat de aannemer binnenkomt, niet nadat het rookalarm voor de derde keer per ongeluk is afgegaan.